De Belgische wetgeving is discriminerend tegenover arbeidsmigranten

Dat de wetgeving vele achterpoortjes heeft en dat als je maar genoeg geld op tafel kan leggen voor dure procedure advocaten, je ongestraft kan frauderen in Belgiê dat is iets wat zowat iedere bewuste burger weet. Maar dat die wetgeving ook expliciet discriminerend is tegenover arbeidsmigranten was wel een vaag vermoeden maar is voor mij nu zo klaar als pompwater.
 
donderdag 03 maart 2011, 
 
 

Inleiding

Eerst beschrijven we de wetgeving en de regels waaraan een migrant uit Roemenië of Bulgarije moet voldoen om hier te kunnen werken. Deze wetgeving loopt af op het einde van dit jaar, maar ze is het afgelopen zes jaar van toepassing geweest op bijna alle arbeiders uit de nieuwe landen en zal waarschijnlijk opnieuw geactiveerd worden als landen als Croatië, Montenegro, Turkije en dergelijke toetreden.

Deze wetgeving is ook aanleiding geweest tot talloze misbruiken die nog altijd voortwoekeren. Ze is onderbelicht. Als die misbruiken al aan bod komen in de mainstream media wordt enkel het sensationele en criminele aspect in de verf gezet .

Het misbruik maken van de vaak onwetende arbeidsmigranten wordt onder de mat geveegd. Wel worden zij dikwijls op één lijn geplaatst met hun uitbuiters en zo ook in de criminele hoek geplaatst. Criminaliseren van de slachtoffers à la Sarkozy, daar ishumanistisch Europa goed in.

Het hoofdstuk over Arbeidskaart B is ook van toepassing voor mensen zonder papieren die regulariserden via 9bis met arbeidskaart B. Op de regularisatie en de specifieke toestand van die groep gaan we echter in dit artikel niet in. Zoniet wordt dit alles te ingewikkeld.

In 2004 traden Grieks-Cyprus, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Malta, Polen, Slovenië, Slowakije en Tsjechië toe tot de Europese Unie. Werknemers uit die landen zijn niet langer onderworpen aan overgangsmaatregelen, en kunnen hier komen werken zoals iedereen van de overige 25 landen.

De laatste uitbreiding, de zesde, is die van Bulgarije en Roemenië. Wat opviel bij het onderzoek naar deze wetgeving, is dat ze aan de basis lag van allerlei schimmige constructies waar in feite iedereen het slachtoffer van is. Behalve natuurlijk degenen die deze constructies opzetten. Deze witteboordcriminelen gaan lopen met de vette winsten en glippen meestal door de mazen van de wet, een aantal bijna symbolische veroordelingen daar gelaten.

Nieuwe EU-onderdanen uit Roemenië en Bulgarije

Nieuwe” EU-onderdanen kunnen enkel een verblijfsrecht als werknemer in loondienst bekomen in België indien ze eerst over een arbeidskaart B beschikken.

Momenteel geldt deze overgangsmaatregel enkel nog voor de   Bulgaren en Roemenen en dit tot eind 2011, op 1 Januari 2012 loopt de maatregel af. Hier hangen een hele resem vereisten en documenten mee samen waarover   je kan lezen op de site van het Kruispunt Migratie-Integratie, het vroegere Vlaams Minderheden Centrum.

Bijlage 19 is een van die documenten, in feite,  het eerste document dat een  EU-burger uit de Roemenië of Bulgarije nodig heeft als hij het land binnenkomt om te werken en zich hier te vestigen. Het is een aanvraag van een verklaring van inschrijving (op basis van artikel 40 vreemdelingenwet). Met dat document in de hand kan hij dan naar een woonst zoeken en uiteindelijk werk zoeken. Vrij essentieel dus. De regels zijn anders voor loontrekkenden die hier maar tijdelijk verblijven en dan terugkeren naar hun land, maar dit zou ons te ver leiden.

Werk zoeken met bijlage 19

Procedure van inschrijving in de Gemeente

Binnen de drie maanden na aankomst in België moet de EU-burger bij de gemeente een verklaring van inschrijving aanvragen. Indien geen verklaring van inschrijving wordt aangevraagd binnen de drie maanden kan een administratieve geldboete  opgelegd worden van 200 euro. Op voorlegging van het bewijs van het EU-burgerschap zal de gemeente de EU-burger onmiddellijk, zonder voorafgaande woonstcontrole, inschrijven in het wachtregister en levert het een bijlage 19 af  dat is de aanvraag van een verklaring van inschrijving.

Zodra uit de controle van de reële verblijfsplaats blijkt dat de EU-burger daadwerkelijk woont op het grondgebied van de gemeente, schrijft de gemeente de EU-burger in in het vreemdelingenregister. Het EU-burgerschap moet wel bewezen worden met een van de nodige documenten zoals een paspoort en degelijke voor details zie EU-burger die naar België komt voor een verblijf van meer dan drie maanden

Bijlage 19 laat toe opleiding te volgen

Werkzoekenden woonachtig in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kunnen zich inschrijven bij Actiris en via de RDBB (Regionale dienst voor Beroepsopleiding in Brussel) een beroepsopleiding volgen, georganiseerd door de VDAB voor Nederlandstaligen (www.vdab.be) en door Bruxelles-Formation voor de Franstalingen (www.bruxellesformation.be). In sommige gevallen, afhankelijk van de opleiding, wordt een instaptest en een bepaald taalvaardigheidsniveau vereist.

Wanneer de persoon in aanmerking komt voor werkloosheidsuitkeringen, kan hij van alle federale activeringsmaatregelen genieten.

Wie beschikt over OCMW-steun, kan ingeschakeld worden via OCMW-activeringsmaatregelen (bv. art. 60§7), indien het OCMW bereid is deze kost ten laste te nemen. Elke werkzoekende kan een individuele beroepsopleiding (IBO/FPI) aanvatten via de VDAB of Bruxelles Formation. Zie voor alle tewerkstellingsmaatregelen www.aandeslag.be

Werkloosheidsheiduitkering kan ook maar dan moet je eerst werken zoals iedereen

Komt in aanmerking voor werkloosheidsuitkering wanneer aan de geldende voorwaarden voldoet. De RVA zal de documenten opvragen die aantonen dat de arbeidsprestaties uit het verleden wettelijk zijn gebeurd. Het is dus raadzaam steeds kopieën te nemen van de Arbeidskaarten of voorlopige toelatingen die men had. Voor nadere informatie kan u zich steeds wenden tot de uitbetalingsverantwoordelijke (erkende vakbonden: ACV, ABVV, ACLVB) of de Hulpkas voor Werkloosheidsuitkeringen.

Discriminatie

Na  Antwerpen blijkt de stad Gent sedert  begin 2011 beslist te hebben bijlage 19 aan de enen, bijvoorbeeld een rijke buitenlandse industriëel, wel automatisch te geven, maar aan de arme Roemeense en Bulgaarse inwijkelingen NIET MEER. Dat hebben we vastgesteld tijdens een uitzetting-procedure waar Bulgaarse Roma families  het slachtoffer van waren.

Dit is natuurlijk pure discriminatie.Maar je zou ook kunnen stellen dat ze minstens geïnspireerd is door stukken uit de Belgische verblijfwetgeving. Ooordeel zelf maar. Het zit hem in de uitzonderingen en vrijstellingen. We overlopen even de wetteksten voor arbeidsmigranten.

Het hoofdstuk “Arbeidsmigranten” op de site vreemdelingenrecht.be van Vlaamse regering,   begint met een belangrijke toelichting:

“In principe geldt er sinds meer dan een kwarteeuw een arbeidsmigratiestop in België. Vreemdelingen krijgen daardoor slechts de toestemming om naar België te komen om te werken indien een arbeidsmarktonderzoek heeft uitgewezen dat er binnen een redelijke termijn geen geschikte arbeidskracht zal gevonden worden op de Belgische (of Europese) arbeidsmarkt. Op dit principe bestaan echter enkele belangrijke uitzonderingen.”

Een ze kunnen niet rekenen, de migratiestop is in België ingevoerd in 1974 dat is volgens mijn rekenmachine ongeveer 37 jaar geleden, Muyters moet in de buurt gewwest zijn toen die pagina geredigeerd werd. 

Twee die maatregel is in strijd met artikel 13 van de Universele verklaring van de Rechten van de mens:

“1. Een ieder heeft het recht zich vrijelijk te verplaatsen en te vertoeven binnen de grenzen van elke Staat.

2. Een ieder heeft het recht welk land ook, met inbegrip van het zijne, te verlaten en naar zijn land terug te keren.”

Daarna wordt het algemene principe gesteld:

“De vreemdeling moet vooraleer naar België te komen een werkgever vinden, die voor hem een arbeidsvergunning wil aanvragen.  De werkgever moet een arbeidsovereenkomst opstellen en een aanvraag indienen "tot tewerkstelling van een vreemde werknemer".

Als na een arbeidsmarktonderzoek de arbeidsvergunning wordt toegestaan, wordt ook een arbeidskaart B bestemd voor de werknemer afgeleverd. En hier is het waar de discriminatie begint onder de arbeidsmigranten Het zit hem in de uitzonderingen en de vrijstellingen. Anders gezegd degene die men graag ziet komen naar België tegenover deze die men wil uitsluiten. Ik plak hier de volledige tekst, oordeel zelf:

--- begin exerpt ---

Vrijstelling van arbeidsmarktonderzoek

Sommige categorieën van vreemdelingen moeten wel een arbeidskaart aanvragen, maar er zal geen arbeidsmarktonderzoek gebeuren. Zij kunnen dus een arbeidskaart verkrijgen zonder dat er naar de arbeidsmarkt wordt gekeken.

Het gaat om:

  • Hooggeschoold personeel
  • leidinggevend personeel
  • langdurig ingezetenen met tweede verblijf in België
  • gespecialiseerde techniekers
  • Navorsers Gasthoogleraren
  • Au  pair-jongeren
  • Stagiairs
  • Beroepssporters  

Vrijstelling van arbeidskaart

Sommige vreemdelingen kunnen zelfs naar België komen en er werken zonder een arbeidsvergunning te moeten aanvragen.  Zij zijn vrijgesteld van het moeten aanvragen van een arbeidsvergunning. De belangrijkste categorieën bespreken we hieronder. Het gaat om:

  • Bedienaar erkende eredienst
  • Diplomaat
  • Consul
  • Journalist
  • Zelfstandigen

Vreemdelingen die niet als werknemer, maar als zelfstandige in België willen komen werken moeten geen arbeidskaart, maar een beroepskaart aanvragen

 --- einde exerpt ---

Dat Gent, wat toch een gastvrije stad was zie dit artikel uit 2006, nu ook op gemeentelijk vlak die discriminatie tot regel maakt, verder gaat dan de wetgever zelfs door arme Roemenen en Bulgaren 3 maand te laten wachten op die bijlage 19 is nieuw, maar past in de algemene verrechtsing in Vlaanderen. De kruik gaat echter zo lang te water tot ze breekt, want de het schepencollege van de Arteveldedtad houdt er blijkbaar geen rekening mee dat er in 2008 al zo’n 25,6% (oude en nieuwe) migranten in Gent woonden.

Opgelet  voor schijnzelfstandigheid

Wie een zelfstandige beroepsactiviteit wil uitvoeren is vrijgesteld van beroepskaart B (Wet van 19 februari 1965 betreffende de uitoefening van de zelfstandige beroepsactiviteiten der vreemdelingen. K.B. van 3 februari 2003 tot vrijstelling van bepaalde categorieën van vreemdelingen van de verplichting houder te zijn van een beroepskaart voor de uitoefening van een zelfstandige beroepsactiviteit, art. 1.1). 

Zelfstandigen kunnen de algemene verblijfsprocedure voor “oude” EU-burgers volgen, net zoals zgn. ‘economisch niet-actieve nieuwe EU-burgers’ (studenten, gepensioneerden, ..).

Van dat gegeven wordt natuurlijk gul gebruikgemaakt door allerlei malafide en schimmige firma’s. Ze richten een BVBA of gelijkaardige vennootschap en laten hun werknemers deelnemen aan die vennootschap als schijnzelfstandige.

Deze werknemers  kennen meestal de wetgeving niet, en draaien dikwijls ook nog eens op voor de kosten van een vereffening wanneer de profiteurs achter de schermen al lang de plaat gepoetst hebben. Dit zijn klassieke schema’s van misbruik die  regelmatig toegepast worden in.

Een aantal malafide werkgevers proberen hun werknemers te overtuigen om als zelfstandige te werken, ook al blijven ze in de praktijk gewoon als werknemers werken. Dit geeft aan de werkgevers heel wat voordelen:

  • Ze hoeven zich niet te houden aan minimumlonen en andere regels die gelden voor werknemers.
  • Sociale zekerheidsbijdragen en belastingen zijn veel lager dan voor werknemers.
  • Ze kunnen veel moeilijker of niet voor het gerecht vervolgd worden als ze hun werknemers niet betalen, als hun werknemers een arbeidsongeval hebben, enzovoort.
  • Als het om werknemers zonder papieren gaat, zal het veel moeilijker zijn om de werkgever te straffen daarvoor.

Misschien stelt zo’n werkgever je voor om je als zelfstandige te laten registreren bij een sociale verzekeringsinstelling. Volgende situaties komen voor, soms een combinatie van verschillende situaties:

• De werkgever helpt je om je te laten registreren bij een sociale verzekeringsinstelling (SVMB, Partena, Acerta, Groep S,…). Hij belooft om alle facturen die je daardoor krijgt, voor jou te betalen. Misschien komen de facturen wel toe op het adres van de werkgever.

• De werkgever helpt je om je te registreren bij een sociale verzekeringsinstelling, maar je krijgt zelf je facturen en betaalt die ook zelf.

• De werkgever stelt je voor om vennoot (‘associé’) te worden in zijn bedrijf. Hij laat je betalen om aandelen te kopen, of laat je een papier tekenen waarmee je zogezegd aandelen koopt, zonder iets te betalen. Als je daarbij ook werkt voor de zaak, word je een ‘werkende vennoot’.

Werkende vennoten worden altijd verondersteld zelfstandigen te zijn. Werkgevers hebben soms aantrekkelijke argumenten om je te overtuigen. Ze zeggen dat je een deel van de winst zal krijgen (is het bedrijf winstgevend, kan je dit ergens controleren, staat de winstdeling in een contract?).

Soms vertellen werkgevers dat je als zelfstandige legaler werkt, of dat je na een bepaalde periode een verblijfsvergunning zal kunnen aanvragen. DIT IS NIET WAAR! Mogelijk zal de werkgever proberen te laten uitschijnen dat je zelfstandige bent, eventueel zonder je daarover aan te spreken.

Hij zal dan het werk zo regelen, dat het meer lijkt op dat van een echte zelfstandige zoals hierboven beschreven.

Bijvoorbeeld zo:

- Hij betaalt jou en vraagt je om je collega’s uit te betalen. Misschien heb jij zelf wel de andere werknemers gezocht. Misschien krijg je zelfs een percentage op het loon van je collega’s, of een hoger loon.

OPGEPAST! Als je voor de rechter niet kan bewijzen wie de eigenlijke werkgever was, word jij verantwoordelijk voor het loon van je collega’s (en bijhorende belastingen en bijdragen). Je wordt dan zelf een werkgever! Als de werknemers illegaal tewerkgesteld zijn, kan je een boete krijgen.

- De werkgever betaalt je niet per uur, maar per vierkante meter of per stuk. Hij geeft je eventueel zelfs facturen daarvoor (in plaats van loonfiches).

Volgens de Wet is het echter verboden om iemand als een zelfstandige aan te geven, terwijl die in de praktijk een werknemer is, ook al zijn alle nodige toelatingen voorzien. Dat heet ‘schijnzelfstandigheid’. Wanneer de inspectie of het gerecht vaststellen dat een zelfstandige eigenlijk onder het gezag van een werkgever stond, kunnen ze die werkgever verplichten om zich volledig in orde te stellen met de regels:

  • hij moet de juiste belastingen en bijdragen betalen
  • hij moet de werknemers uitbetalen volgens de minimumlonen
  • hij kan een boete krijgen als vastgesteld wordt dat hij de regels niet heeft gerespecteerd.

Dit zijn de valkuilen waarin iemand wiens inkomen volledig afhankelijk is van werk,  gemakkelijk trapt als hij niet op de hoogte is van de Belgische wetgeving en die natuurlijk wijd open gezet worden door allerlei malafide firma's. Vandaag dag na dag, onder onze neus.

We mogen dit potje niet langer gedekt houden, maar die praktijken aanklagen en de arbeidsmigranten informeren, ze bewust maken van hun grondrechten en de rechten voorzien in de Belgische arbeidswetgeving.

Abeidskaart B

25 Maghrebijnse en Pakistaanse hongerstakers in de Karthuizersstraat voeren al sedert December 2010 een bittere strijd om een arbeidskaart C te krijgen. Zij nemen geen genoegen met de modaliteiten van de regularisatie artikel 9bis met arbeidskaart B, waarvan de inschrijvingsperiode onlangs afliep.

De regering stelde toen duidelijk:

"De verblijfsmachtiging op grond van artikel 9bis van de Verblijfswet (het vroegere "artikel 9, lid 3" Vw) is een gunst, geen recht.”

Lees meer over hun strijd in "Ze willen niet behandeld worden als slaven". De hongerstakers van de Kartuizersstraat vechten voor hun rechten, ze smeken niet om gunsten. De met 9bis verbonden arbeidskaart B was al aan strenge voorwaarden verbonden, waardoor vele regularisaties mislukten op basis van werk.

Bovendien doet arbeidskaart B eerder denken aan de middeleeuwse toestanden van lijfeigenen dan aan ‘recht op werk’, wat een mensenrecht is. Enkele van de onaanvaardbare modaliteiten zijn:

  1. De arbeidskaart is slechts beperkt tot één welbepaalde werkgever, en voor één welbepaalde functie.
  2. Zij heeft een geldigheidsduur van maximaal 12 maanden (zij is wel verlengbaar).
  3. Wanneer een werkgever een vreemdeling met een arbeidskaart B in dienst wil nemen, moet hij zelf ook een arbeidsvergunning (voor zichzelf) aanvragen.
  4.  De tewerkstelling mag pas starten op het moment dat de arbeidsvergunning (voor de werkgever) en de arbeidskaart B (voor de werknemer) effectief werden afgeleverd.

Dat wil zeggen dat een werknemer niet van patroon mag veranderen, ook al komt deze zijn contract niet na, pest hij zijn werknemer, of betaalt hij zijn loon niet (volledig) uit. Met arbeidskaart B word je dus gewoon overgeleverd aan de willekeur en chantage van de werkgever. Als werknemer kan je niet van baas veranderen ook al krijg je een beter aanbod.

Dat België ervoor kiest om de VN Arbeidsmigranten Conventie niet te ratificeren als de dicriminatie zo in zijn wetgeving ingebakken zit moet ons dan weer niet verwonderen.

Ratificatie van de Arbeidsmigranten Conventie

Alhoewel de conventie reeds in 1990 door de VN werd goedgekeurd is ze nog in geen enkel rijk westers land in voege getreden. Ze is in Europa enkel geratificeerd door Albanië, Bosnië-Hercegovina en Turkije.

Het humanisme en de gastvrijheid van de rijke westerse landen is een fantoom dat alleen rechtgehouden wordt door de eigen propaganda. Internationaal worden die verdragen geratificeerd die het meest voordelig zijn voor het westers economisch model. De toestand waarbij intensief wordt geprofiteerd van de goedkope arbeid die voorhanden is in het Zuiden wil men koste wat koste in stand houden.  

Daarom heeft ook nog geen enkel Rijk land de VN Arbeidsmigranten Conventie geratificeerd. Nochtans is die Conventie al in 1990 goedgekeurd door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. In feite zegt dit alles over de intenties van de Westerse overheden. Dus wat kan je verwachten van de Belgische wetgevers als ze zelfs de internationale verdragen die over die materie gaan niet willen ratificeren.

De organisatie December 18 is een petitie gestart om de Europese regeringen, dus ook de Belgische regering, onder druk te zetten om die Conventie te ratificeren. 

Zowel de ITUC als de ETUC, de Internationale en de Europese koepels van vakbonden,  roepen op om de conventie te ratificeren.

Deze Conventie is dus voor de vakbonden een goede basis  om hier in België de organisatie van arbeidsmigranten op de agenda te zetten; arbeidsmigranten met of zonder papieren maakt niet uit, want de Conventie geldt ook voor mensen zonder papieren, dat is het mooie ervan. 

 

Meer info op http://mensenzonderpapieren.wordpress.com/

Bronnen:

 Kruispunt Migratie-Integratie  

THE MIGRANT WORKERS CONVENTION IN EUROPE, Obstacles to the Ratification of the International Convention on the Protection of the Rights of All Migrant Workers and Members of their Families: EU/EEA Perspectives 

Ratification of the UN Migrant Workers Convention in the European Union, Survey on the Positions of Governments and Civil Society Actors, 2010, December 18

Report of the Committee of Experts on the Application of Conventions and Recommendations, International Labour Conference, 100th Session, 2011